4 mei 2026 | Het laatste automotive nieuws het eerst op kenteken.org
Spyker werkt opnieuw aan een comeback. De Nederlandse supercarbouwer belooft een C8 Preliator met pure twin-turbo V8, 800 pk en een topsnelheid boven 350 km/u.
Spyker weigert te verdwijnen. Het Nederlandse supercarmerk, beroemd om zijn luchtvaartdetails, horlogeachtige interieurs en roerige geschiedenis, wil opnieuw terugkeren. Dit keer met een nieuwe versie van de C8 Preliator: een pure twin-turbo V8-supercar met 800 pk en een beloofde topsnelheid van meer dan 350 km/u. Voor Nederlandse autoliefhebbers is dat bijzonder nieuws. Niet omdat Spyker ineens een volumemerk wordt, maar omdat er nog altijd iets magisch zit in het idee van een eigenzinnige Nederlandse supercar.
Een merk dat meerdere levens lijkt te hebben
Spyker heeft een geschiedenis die bijna even dramatisch is als zijn auto’s. Het oorspronkelijke merk verdween al in de jaren twintig van de vorige eeuw. De moderne herstart kwam in 1999, met Victor Muller als drijvende kracht. De C8 maakte Spyker internationaal bekend: geen klinische supercar, maar een handgebouwde machine vol aluminium, schakelpookmechaniek, vliegtuigthema’s en Nederlandse bravoure.
Daarna volgden hoogtepunten en diepe dalen. Spyker bouwde bijzondere auto’s, deed mee aan Le Mans, raakte betrokken bij Saab en ging meerdere keren failliet. Veel merken zouden na zo’n geschiedenis definitief verdwijnen. Spyker niet. Het merk lijkt telkens opnieuw op te duiken.
De nieuwste comeback draait om de C8 Preliator. Die naam zagen we al eerder, onder meer bij de concept- en productieplannen rond 2016. Nu belooft Spyker een terugkeer met een veel krachtiger aandrijflijn.
800 pk en bewust geen elektrificatie
Het opvallendste nieuws is de aandrijflijn. Spyker spreekt over een twin-turbo V8 met 800 pk. Daarmee zou de nieuwe C8 Preliator aanzienlijk sterker worden dan de eerdere versie, die een 4,2-liter V8 met compressor gebruikte.
Nog opvallender: Spyker benadrukt dat de auto niet elektrisch wordt, zelfs niet hybride. In een tijd waarin Ferrari, Lamborghini, McLaren en Porsche steeds vaker elektrificatie gebruiken om prestaties en emissies te combineren, kiest Spyker juist voor een pure verbrandingsmotor.
Dat is strategisch riskant, maar past wel bij het karakter van het merk. Spyker verkoopt geen rationeel product. Het verkoopt exclusiviteit, geluid, mechaniek en emotie. Voor kopers in dit segment kan juist het ontbreken van elektrificatie een deel van de aantrekkingskracht zijn.
Meer dan 350 km/u
Volgens de eerste informatie moet de nieuwe Spyker sneller kunnen dan 217 mph, omgerekend ruim 350 km/u. Dat plaatst de auto op papier in het territorium van serieuze hypercars. Toch zal Spyker het niet alleen van cijfers moeten hebben. Merken als Ferrari, McLaren, Lamborghini, Koenigsegg en Pagani hebben enorme ontwikkelbudgetten en bewezen technische platforms.
Spyker moet het hebben van iets anders: karakter. Een Spyker koop je niet omdat hij de snelste rondetijd rijdt. Je koopt hem omdat hij anders is. Omdat het interieur voelt als een mechanisch kunstwerk. Omdat de auto niet uit een anonieme megafabriek komt, maar uit een kleine, eigenwijze traditie.
Nederlandse relevantie: trots, maar ook realisme
Voor Nederland is Spyker altijd een bijzonder verhaal geweest. Ons land heeft een grote automotive toeleveringssector, sterke ontwerp- en engineeringbedrijven en een rijke racecultuur, maar nauwelijks eigen personenautomerken. Spyker vulde dat gat op spectaculaire wijze.
Tegelijk moeten we realistisch blijven. Een nieuwe Spyker zal extreem duur, zeldzaam en waarschijnlijk lastig leverbaar zijn. RDW-typegoedkeuring, emissieregels, Europese veiligheidsnormen en service-infrastructuur zijn forse uitdagingen voor een kleine fabrikant.
Ook de timing is spannend. De Europese markt beweegt richting strengere CO2-regels, terwijl supercarbouwers steeds meer leunen op hybride techniek. Een pure V8 kan commercieel aantrekkelijk zijn voor verzamelaars, maar regelgevend wordt het speelveld elk jaar smaller.
Waarom dit toch nieuwswaarde heeft
Juist omdat de auto-industrie steeds meer gestandaardiseerd raakt, is een merk als Spyker interessant. Veel nieuwe auto’s delen platforms, software, schermen en aandrijflijnen. Spyker staat voor het tegenovergestelde: lage aantallen, veel handwerk en een uitgesproken identiteit.
Als de comeback lukt, krijgt Nederland opnieuw een supercarverhaal dat internationaal aandacht trekt. Als het niet lukt, past ook dat bijna bij de tragiek van het merk. Spyker is nooit saai geweest.
Conclusie
De aangekondigde C8 Preliator met 800 pk sterke twin-turbo V8 is ambitieus, misschien zelfs overmoedig. Maar dat is precies waarom Spyker nog steeds tot de verbeelding spreekt. In een markt vol berekende productplannen en elektrische platforms klinkt een Nederlandse, handgebouwde V8-supercar bijna ouderwets rebels.
Of deze comeback daadwerkelijk slaagt, moet blijken. Maar alleen al het feit dat Spyker opnieuw probeert op te staan, maakt dit een van de interessantere supercarverhalen van 2026.
Eerder
-
Alfa Romeo viert 75 jaar vierwielaandrijving en verbindt Q4 met elektrificatie 11 mrt., 2026 -
Alpine A110 neemt afscheid: drie iconische berlinettes op Rétromobile 2026 22 jan., 2026 -
Abarth 600e Competizione: 280 pk elektrische hot hatch vanaf € 40.999 05 mrt., 2026 -
Alpine op Brussels Motor Show 2026: A390 als blikvanger van elektrisch tijdperk 24 dec., 2025